Get Adobe Flash player
Home Handleidingen Strobist

Strobist

Normaal gesproken spreken we over het flitsen waarbij de flitser op de camera is geplaatst. Dit flitslicht zal altijd van voren komen en creatief flitsen blijft hierdoor natuurlijk beperkt aangezien alleen de hoek op de flitser zelf veelal te bepalen is. Een andere mogelijkheid van flitsen is dat de flitser los van de camera gebruikt wordt waardoor er een vrijheid ontstaat voor creatief verlichten doordat de niet alleen de hoek op de flitser is in te stellen (afhankelijk van de flitser), maar ook de complete positie los van de camera te bepalen is. Het werken met de flitser los van de camera noemen we 'strobist'. Kort gezegd is strobist fotografie een vorm van licht manipulatie, met behulp van 1 of meerdere flitsers die je los van je camera gebruikt doormiddel van draadloze remote’s en receiver’s die je op je flitser en camera aansluit, waarna je doormiddel van je flitser op bijvoorbeeld een statief te plaatsen de flits op verschillende manieren kunt manipuleren rondom het object of persoon die je wilt fotograferen.

Om de flitser extern te kunnen besturen zijn verschillende oplossingen te verkrijgen.

  • TTL-kabel (verlengkabel tot 2 meter vanaf de flitsschoen)
  • Infrarood (draadloos tot max. 8 meter: TTL en high-speed flitsen blijft mogelijk)
  • Radiofrequentie zender/ontvanger (tot +/- 100 meter: geen TTL overdacht, handmatig instellen)

Om te 'spelen' met het licht bij je foto's is het wel van belang om wat te weten over kleurtemperatuur, witbalans, lichtbronnen etc.

Kleurtemperatuur:

De kleurtemperatuur van een lichtbron voor wit licht is gedefinieerd als de temperatuur van een zwart lichaam waarvan het uitgestraalde licht dezelfde kleurindruk geeft als de lichtbron. De kleurtemperatuur wordt meestal uitgedrukt in kelvin (K). Volgens de wet van Wien neemt de golflengte van het uitgestraalde licht af met toenemende temperatuur, en heeft blauwig licht (korte golflengte) een hogere kleurtemperatuur dan roodachtig licht. Vreemd genoeg wordt licht met een lage kleurtemperatuur als "warmer" ervaren dan licht met een hoge kleurtemperatuur.Waarom in het echt 10000 Kelvin heter is dan 2000 Kelvin, en wij 10000 Kelvin toch koud noemen komt, omdat in onze wereld koude kleuren van indirect licht komen, gescatterd aan deeltjes in de lucht, wat schaduw kleuren geeft bij zonnig weer, of in ijs. Direct zonlicht en een knetterend vuurtje ervaren wij als warm, omdat ze ook warm aanvoelen en dus associeren we de afgegeven kleur met warmte. Maar meet je de  temperatuur van de helblauwe vlammen in een straalkachel dat blijkt deze temperatuur vele malen hoger te zijn dan de vlam van kaarslicht.

Kleurtemperatuur

Kleurcorrectie:

De kleur van het licht dat door een vel helder wit papier weerkaatst wordt, is in feite afhankelijk van het omgevingslicht. Bij verlichting door kunstlicht is de kleur anders dan bij verlichting door daglicht. Het oog corrigeert deze schijnkleur, doordat de betreffende kleurgevoelige cellen (de kegeltjes) na korte tijd sterker uitgeput raken en minder sterke signalen naar de hersenen leiden.

Dat het vel wit papier afhankelijk van het omgevingslicht er telkens anders uit kan zien, noemen wij de witbalans. Ziet het 'wit' eruit als geel, dan is de witbalans beneden de 5000K, ziet het 'wit' er meer uit als blauw, dan is de witbalans boven de 6000K. Op digitale camera's kun je deze witbalans beïnvloeden, zeker als je in RAW formaat je foto's maakt kun je zelfs achteraf nog van elke foto de witbalans bepalen.

Met strobisten kun je vooraf ook al deze kleurtemperatuur bepalen door gebruik te maken van eventueel omgevingslicht, instellingen witbalans van je camera en combineren met kleurfilters op flitser(s) en / of gekleurde reflectoren in te zetten zoals 'silver' of 'gold'. Natuurlijk kun je de camera ook op AWB (Auto White Balance) laten staan, maar dit verzekerd je er niet van dat de camera altijd de juiste witbalans heeft gekozen en of de flitser automatisch de juiste flitssterkte afgeeft. Zo zie je boven al het begrip TTL staan. Through the lens (TTL) is een techniek om door de lens van een camera bepaalde metingen te verrichten, meestal de lichtsterkte. De afkorting wordt voornamelijk gebruikt in flitsfotografie bij elektronenflitsers waarbij de belichting wordt geregeld door een lichtmeting door de lens van een fotocamera. Bij veel filters kun je van TTL overstappen op handmatig (M | Manual) en zelf o.a. de lichtsterkte bepalen.

Opstelling:

Je kan met strobist(en), mits je de beschikking hebt over meerdere flitsers, de positie niet alleen bepalen, maar ook per flitser de flitssterkte en zelfs per groep. Flitsers kun je rangschikken in bv. een groep A, een groep B, en een groep C. Met de tegenwoordige digitale spiegelreflex camera's kun je bepalen welke groep of groepen moet flitsen. Natuurlijk kost het geld om te kunnen beschikken over bv. 4 of meer flitsers, maar zelfs met 1 of 2 flitsers los van de camera, zijn al enorm mooie resultaten te boeken en dwingen je min of meer om met 'beperkte' middelen, de beste resultaten te behalen.

Een ideale opstelling is er dus niet, of beter gezegd, verschilt per foto, omgeving, onderwerp en natuurlijk omgevingslicht. En zoals je bovenstaand al heb kunnen lezen, verschilt het ook van het aantal flitsers waarover je de beschikking hebt.

Gouden Regel:

Tot slot de gouden regel: experimenteer veel met middelen en opstellingen, witbalans en lichtbronnen. Door veel te experimenteren zul je zien dat je steeds meer oog krijgt om zaken te beïnvloeden en betere resultaten te boeken. Oefening baart kunst, zeker bij strobist!